Carillon


klokkenspel-breed

In 1620 goot de uit Lotharingen afkomstige klokkengieter François Simon een klokkenspel van 13 klokken voor de Damster toren. Deze moesten de 10 speelklokken, die in 1580 door Groningers ontvreemd werden, vervangen. Dit spel werd aanvankelijk drie keer en later twee keer per dag bespeeld. Er was geen automatische spel bij het uurwerk.
Bij de bouw van de nieuwe toren in 1835 werden zes Simon-klokken opnieuw gebruikt en acht nieuwe toegevoegd door de klokkengieter Andries van Bergen uit Midwolda.

Bij de restauratie van het naast de toren gelegen Raadhuis in 1911 werd het oude spel vervangen door een geheel nieuw carillon van 25 klokken (c2-c4), gegoten door de Engelse klokkengieter John Taylor. Het werd geïnstalleerd door de in Amsterdam gevestigde uurwerkmaker J.H. Addicks, die ook een speeltrommel leverde voor het automatisch spel bij het uurwerk.
Het carillon werd tijdens de Tweede Wereldoorlog gevorderd maar kwam daarna wel terug.

klavier-oud

Oud klavier en bandspeelapparaat uit 1959

In 1959 werd het carillon heringericht en met twaalf kleine klokken uitgebreid tot 37 klokken door Van Bergen uit Heiligerlee. De speeltrommel verdween en werd vervangen door een ponsbandsysteem. Deze uitbreiding werd in 1979 door Petit & Fritsen uit Aarle-Rixtel vervangen door nieuwe klokken en met twee extra aangevuld tot 39 klokken. Het niet goed functionerende klavier uit 1979 werd in 1991 vervangen bij een uitbreiding van het klokkenaantal tot de standaardomvang van vier octaven (50 klokken), eveneens door Petit & Fritsen.

Klokkengieterij Reiderland uit Beerta plaatste in 1999 opnieuw een speeltrommel, afkomstig uit Gorinchem en verzorgde de inrichting met speelhamers. In 2000 werd de nieuw gegoten Millenniumklok (Petit & Fritsen, f1, ca. 900 kg) ook speelbaar gemaakt vanuit het klavier waardoor het carillon nu 51 klokken (f1, g1, a1 – a5) omvat. De drie grootste klokken hangen in het stenen gedeelte van de toren en zijn tevens als luidklok te gebruiken.

Van het Simon-klokkenspel uit 1620 is één klok bewaard gebleven; deze bevindt zich in het Museum Stad Appingedam. Eén Van Bergen-klok uit 1834 is in het Oude Raadhuis opgesteld. Voor de Addicks-speeltrommel uit 1911 is een museale, werkende opstelling gevonden in het Klokkengieterijmuseum in Heiligerlee.

Verschillende objecten die bij carillonrestauraties zijn vrijgekomen staan op de speeltrommelcabine tentoongesteld.

Reacties zijn uitgeschakeld.